We spreken hier over Ravels en Ravels-Eel van voor de gemeentefusie van 1977.

De gemeente werd bij het begin van deze eeuw zo zorgzaam beheerd dat de leiders meer ingesteld waren op het bezit van obligaties en ’kasbons’ dan op schulden.

Aan de op te richten melkerij ’De Eendracht’ leende ze 5000 frank uit tegen een rente van 3,25%.

De burgemeester, Clement Mathé, had een jaarwedde van 150 frank. Daarenboven ontving hij nog vergoedingen van de militieraad ten bedrage van 45 frank.

De schepenen hadden 50 frank per jaar en de gemeenteraadsleden elk 20 frank.

De veldwachter had een maandwedde van 54,08 frank en hij moest zich te voet verplaatsen naar een andere gemeente, dan trok hij 0,15 frank kilometervergoeding. Hooge-Mierde, heen en weer, leverde hem 3 frank extra op.

De gemeentesecretaris, Jan Antoon Beyens, had een maandwedde van 93 frank.

De onderwijzers, Janssen in Ravels en De Wael in Eel kregen 125 frank per maand. Er waren toen twee leerkrachten in de gemeente.

Juffrouw Elisabeth Van Gils (Lis van Guste) onderrichtte de vrouwelijke handwerken met deeltijdse opdracht en ontving 7 frank per maand.

De pastoors, Van Mechelen in Ravels en Voordeckers in Eel, hadden een jaarwedde van 450 frank.

De gemeentewerklieden kregen 1,75 frank per dag.

De grafdelver had 1 frank voor het maken van een graf op het kerkhof.

Op geregelde tijdstippen nam de gemeente heidespitters in dienst, welke 0,30 frank per roede verdienden. Om 1 are te spitten (10 meter x 10 meter) ontvingen ze 90 centiemen.

Er werd jaarlijks veel mast gebost en jonge mast aangeplant en de mastplantjes werden aangekocht tegen 1 frank per duizend.

De burgemeester kocht toen van de gemeente 3 hectare heidegrond aan 105 frank per hectare en aan de Belgische Staat verkocht de gemeente ruim 800 hectare heidegrond voor een totaalbedrag van 71.583 frank (nu Gewestbos).

Een voerman met gespan rekende voor een dag werk de som van 7 frank.

De jacht op gemeentegrond werd verpacht voor een jaarlijkse pacht van 21 frank.

De schoolverwarming kostte 100 frank per jaar.

Voor steenkool betaalde men 2,65 frank per 100 kilogram en een mutserd was 12 centiem per stuk waard.

Het hoogste bedrag van de gemeentebelastingen was 45 frank.

Bron: Zakboekje van gemeentesecretaris Antoon Beyens