Toen ik deze runderen voor mijn lens kreeg, kende ik het ras helemaal niet. Momenteel graast een groep aan het Zwart Water op de grens van Weelde en Merksplas. Deze “Lakenvelders” vallen meteen op door hun aparte kleurschakering. Ze zijn namelijk ofwel zwart/wit ofwel roodbruin/wit met een witte middenstreep op rug, buik en zijkanten. Deze witte streep wordt het “laken” genoemd.

Zoals je al uit de naam zou kunnen vermoeden, is dit waarschijnlijk een authentiek Nederlands ras. Zeker is het niet maar oorspronkelijk zouden ze uit Gelderland, Zeeland en Zuid-Holland komen. In de Middeleeuwen werden ze door de adel gefokt om gebruikt te worden als “parkdier”. Daardoor was het niet belangrijk dat de koe veel melk gaf of lekker vlees produceerde, enkel de kenmerkende witte band moest een correcte aftekening hebben. Mogelijk werd er ook wel gelet op de vorm van hoofd en schouders om een zo fraai mogelijk rund te bekomen. In Nederland worden ze daarom nog steeds “parkrund” genoemd met in de ondertoon iets minachtends want dit rund is noch vlees noch vis voor de echte professionele rundveehouders.

De dieren zijn rustig van aard, weinig vatbaar voor ziektes, kunnen goed zelfstandig afkalveren en belangrijk : ze zijn tevreden met arme grassoorten. Dit maakt ze ideale begrazers voor natuurgebieden. Ook kinderboerderijen, natuurboerderijen en zorgboerderijen waarderen de soort vanwege het vriendelijke en rustige karakter.

Lakenvelders zijn niet alleen maar runderen, want ook bij geiten, varkens, konijnen, kippen en cavia’s komt de kleurstelling voor. Bij Lakenvelder kippen bijvoorbeeld is de kop en de staart zwart terwijl het hele lijf wit is.

Al zal het zien van een dergelijk rund of ander dier toch altijd wel iets uitzonderlijks blijven!

Fons Adams