De Spullenbank, een initiatief van de Klussen- en dienstencentrale (KDC), levert al jaren een waardevolle bijdrage aan de gemeenschap. Het begon als een bescheiden project in de oude Mitsubishi-garage aan de Monseigneur Volkerstraat, waar hoofdzakelijk spullen werden weggegeven aan mensen met een gemeentelijk pasje. Inmiddels is de Spullenbank uitgegroeid tot een professionele organisatie. Een van de drijvende krachten achter dit succes is Lea Maas. Sinds 2014 heeft zij zich met hart en ziel ingezet, maar nu, per 1 januari, heeft ze afscheid genomen als coördinator. In dit artikel blikken we samen met haar terug op haar tijd bij de Spullenbank, haar keuzes en haar toekomstplannen.
Een start als kledingmaakster
“Ik ben in oktober 2014 begonnen bij de KDC als coupeuse voor het Repair Café én als medewerker bij de Spullenbank” vertelt Lea. “Toen de Spullenbank net na de start van corona extra hulp nodig had, besloot ik bij het Repair Café te stoppen en extra tijd in de Spullenbank te steken. Destijds was de Spullenbank gevestigd in de oude Mitsubishi-garage aan de Monseigneur Volkerstraat. We gaven daar spullen weg aan mensen met een speciaal pasje en hielden alles nauwkeurig bij in de administratie. Daarnaast verkochten we ook spullen.”
Van informele gezelligheid naar professionalisering
In 2017 verhuisde de Spullenbank naar het Vrijwilligershuis aan de Schotsestraat 4c te Kaatsheuvel. Een stap die volgens Lea een nieuwe fase inluidde. “Met de verhuizing ontstond de behoefte aan professionalisering, en ik werd het aanspreekpunt voor de Spullenbank. Hoewel ik het rommelige, informele van de beginjaren gezellig vond, begrijp ik dat we met zo’n grote groep vrijwilligers wat meer structuur nodig hebben. Toch blijft het soms wennen.”
Een weloverwogen afscheid
Na jaren van toewijding heeft Lea besloten om haar rol als coördinator neer te leggen. “De verplichtingen en verantwoordelijkheden werden me gewoon te veel,” zegt ze. “Ik ben inmiddels 81 jaar oud. Ik blijf wel vrijwilliger, want dat geeft me de lusten zonder de lasten.”
Op de vraag wat ze het meest zal missen, antwoordt Lea: “Het contact met de klanten. Ik was hier eerst vier dagen per week, nu zal dat nog maar één dag per week zijn. Maar ik blijf alles doen wat nodig is: spullen innemen, prijzen, achter de kassa staan, en de winkel bevoorraden.”
Naast haar werk bij de Spullenbank heeft Lea ook andere passies. “Ik hou van kleding repareren en maken, zowel voor vrienden en familie als voor de Spullenbank. En met mijn man ga ik graag naar de Efteling of een terrasje pakken.”
De toekomst van de Spullenbank
Met een nieuwe locatie in het vooruitzicht hoopt Lea dat de Spullenbank kan blijven bestaan. “Het is moeilijk voor de KDC om een passende plek te vinden, maar ik heb er vertrouwen in dat het goedkomt. Mijn tip voor mijn opvolger? Denk 14 dagen vooruit, dat helpt om alles soepel te laten verlopen.”
Tot slot heeft Lea een boodschap voor iedereen die vrijwilligerswerk overweegt: “Je moet in een team kunnen werken en mensen accepteren zoals ze zijn. Vrijwilligerswerk is superleuk als je wat tijd over hebt en van sociale contacten houdt. En het belangrijkste: praat met mensen, niet óver mensen.”
Met haar enthousiasme en betrokkenheid heeft Lea Maas een blijvende indruk achtergelaten bij de Spullenbank. Gelukkig blijft ze actief als vrijwilliger, zodat haar ervaring en warmte behouden blijven voor deze bijzondere organisatie.
