Het zijn drukke tijden voor aspergekweker Nooyens uit Poppel. Begin deze maand is het aspergeseizoen officieel van start gegaan. “Maar eigenlijk hebben we er in februari ook al aangeleverd op de veiling hoor. Dat zijn er uit de serre.”
De kwekerij van Nooyens is nog steeds een echt familiebedrijf. Fons Nooyens, die bijna dertig jaar lang tomatenkweker was, schakelde ongeveer vijftien jaar geleden over op de aspergeteelt, samen met zijn zoon Jan. "De eerste asperges uit volle grond zijn we nu aan het 'steken'," vertellen Fons en Jan. "Officieel de eerste, maar eigenlijk hebben we er in februari ook al aangeleverd op de veiling. Dat zijn er uit de serre. De asperges die nu gestoken worden, zijn er van verwarmde teelt, want er lopen buizen over de akker waar water van 30 graden wordt doorgestuurd. Oogsten doen we ongeveer tot midden juni."
De productie neemt elk jaar toe
Voordat een asperge zijn kopje boven de grond uitsteekt, is er al een zorgvuldig proces van voorbereiding geweest. Fons legt uit dat de grond eerst gedraineerd moet worden om het grondwater op de juiste hoogte te houden. “De wortels van de plant gaan niet dieper dan 1,20 meter, dus de grond moet goed geprepareerd worden.” Na het zaaien wordt de grond een meter diep omgespit zodat de wortels goed kunnen vertakken. Het eerste oogstjaar levert al asperges, maar de productie neemt elk jaar toe. Een plant kan uiteindelijk wel 30 asperges per seizoen opleveren.
Zoveel handen nodig
Wist je trouwens dat asperges onder de juiste omstandigheden wel 12 centimeter per dag kunnen groeien? Het is een proces dat continue aandacht vereist, zoals we zien wanneer Fons en Jan ons meenemen naar de buitenteelt. De stekers staan voorovergebogen en steken de asperges uit de zandruggen. Daarna wordt de plastic folie weer over de ruggen gelegd en dit proces moet wel vijf keer per dag herhaald worden. "Momenteel werken er ongeveer 50 mensen voor ons", zegt Fons. “Je hebt zoveel handen nodig om alles op tijd en goed te doen."
A-kwaliteit
Na de oogst worden de asperges verzameld en naar een wasserij gebracht. Daar worden ze een nacht lang in een koelbad van 2 à 3 graden ondergedompeld. “De asperge is eigenlijk nog een levende plant, en door het koelbad stopt de groei”, legt Jan uit. Na deze 'uitrusting' worden de asperges gesorteerd, gewogen en verpakt. Het sorteren gebeurt met een indrukwekkende precisie: “Elke asperge wordt acht keer gefotografeerd en getaxeerd op basis van veertien criteria, zodat we zeker weten dat we A-kwaliteit leveren”, vertelt Fons.
Uitstervend ras
Volgens Fons en Jan heeft de dikte van de asperge geen invloed op de smaak. Of de asperge nu dik of dun is, de smaak blijft hetzelfde. “Het is meer een kwestie van voorkeur en wat je op je bord wilt hebben.”
De toekomst van de aspergekwekerijen lijkt niet voor iedereen rooskleurig. Fons vertelt dat er steeds minder kwekerijen zijn: “Het wordt steeds moeilijker om een aspergekwekerij te runnen. Het is enorm arbeidsintensief en je hebt veel mensen nodig om alles goed te laten draaien. We hebben al veel collega’s zien stoppen, omdat het simpelweg niet meer te doen is. Misschien zijn wij wel een uitstervend ras.” (VNJ)
